Onbehagen
Een doordringend, voortdurend onbehagen. Hetgeen wat mij telkens overvalt, hetgeen wat telkens terugkeert. Het is te omschrijven in talloze woorden, in zinnen, boeken wellicht. Misschien dan, dat het de kern raakt van het gevoel dat het teweegbrengt in mij. Na verloop van tijd zelfs comfortabel, vanwege de herkenning die telkens harder optreedt. Een paradoxaal gevoel waarbij er geen onderscheid bestaat tussen positief of negatief. Men zou het van verschillende kanten kunnen bekijken, maar dat zou slechts zinloos blijken. Het gaat om een gevoel, dat niet te verwarren is met de populaire ‘geluksgevoelens’ of ‘baalmomentjes’. Het gaat de oppervlakte ten onder, waaruit een leegte zowel als een overvloed te vinden is. Van wat? Ik zie het als de paradox hem zelve.
Ik heb momenten gehad dat dit paradoxgevoel verdwenen leek te zijn, dat het een fase leek, dat het te rationaliseren was als iets dat ‘opgelost’ moest worden, uitgeveegd, uitgeroeid, verbannen, vermoord. Dat het voorheen onverklaarbare gedeelte van comfort redenen had gevonden in de simplistische verklaring van de comfortcyclus. Dat wil zeggen, de cyclus die men ervaart, waaruit men moeilijk kan doorbreken en wat tevens noodzakelijk is om te blijven groeien en niet te verstarren in het gebruikelijke. Dit is geen verklaring voor het paradoxgevoel dat ik ervaar. Men zou het kunnen omschrijven als de pure kern in mij, die mij zowel verontrust als motiveert. Hierbij wil ik niet de veronderstelling maken dat ikzelf standvastig of zogenaamd authentiek ben, waarbij ik steeds weer naar deze vorm zou terugkeren. Nee, eerder is dit de drijfveer ter ontwikkeling van een ambigu karakter. En dat zie ik slechts als een positieve ervaring, of de ervaring zelf nou positief of negatief te noemen is.
Ook al is dit redelijk simplistisch te stellen, voelt deze ervaring niet zo. Het gevoel komt op, ongeacht de situatie waarin ik mij bevind. Misschien zou men het inspiratie kunnen noemen, maar toch doet dat het ware gevoel tekort. Inspiratie is iets dat daaruit voort kan vloeien, maar niet de essentie is.
Nu is de neiging groot om dit als een soort geïdealiseerde idee te zien, wat betekent dat ik in feite niet in staat ben om het te kunnen plaatsen. Psychologisch zou men dit kunnen zien als een gebrek, waarbij ik mijzelf en de situatie niet goed begrijp en ik overvallen wordt door een hevige emotie. Lang heb ik hiervan de oorzaak getracht te zoeken, en telkens weer verscheidene antwoorden gevonden. In een wereld van relaties, werk, toekomstplannen, geld en andere zaken die de kern kunnen vervagen, is dit zeer complex. Vooral tijdens het zoeken naar een ‘juiste’ weg in het leven, wordt dit bemoeilijkt – en gestimuleerd – door dit paradoxgevoel. Vooral nu ik mijn weg vindt in het beantwoorden van vragen, waaruit in exponentiële vloed meer vragen ontstaan. Hierbij zal dit paradoxgevoel zich ook in exponentiële groei vergroten, en dat is iets wat vooral verontrustend kan zijn.
Abonneren op:
Posts (Atom)